Twentse Taalbank


Meedoen

Van de leu mö'w t hebn

Publiek
Wie nog eens goed rondkijkt op zolder, in kasten en in kelders, vindt misschien vergeten spullen die voor de Twentse Taalbank van belang kunnen zijn. Spullen zoals grammofoonplaten, teksten en opnames van revue's, voordrachten, liedjes en toneelstukken, boeken, tijdschriften, brieven, correspondentiekaarten, kladblaadjes, advertenties, affiches, brochures, uitnodigingen en programmaboekjes.
Meestal geldt: hoe ouder hoe beter, maar dat hoeft niet altijd zo te zijn. Bekende boeken en tijdschriften zijn meestal van minder belang, tenzij ze van aantekeningen zijn voorzien. Ook gegevens over en foto's van Twentse schrijvers kunnen heel interessant voor ons zijn. Misschien heeft u wel een ver familielid dat meer deed met zijn eerste taal dan gewoon gebruiken in de omgang met anderen. Niet dat we alles onmiddellijk willen komen ophalen. Het gaat er in de eerste plaats om, dat we van het bestaan van de spullen op de hoogte zijn. Over schenking of bruikleen is dan altijd nog te praten.

Vrijwilligers
Zonder vrijwilligers kan de Twentse Taalbank niet functioneren. Er is veel te doen: het vinden van Twentse geschriften en geluidsopnames bij de mensen thuis, in archieven of in oude kranten en tijdschriften, het beschrijven ervan, het verzamelen van aanvullende gegevens door onderzoek, het invoeren van gegevens, het vertalen van bijzondere handschriften, het digitaliseren en bewerken van geluidsopnames, het opnemen van verhalenvertellers, enzovoort.
Werk aan de winkel dus voor streektaalliefhebbers die graag iets willen bijdragen om de Taalbank van de Oudheidkamer Twente tot een succes te maken. Kortom: Komt der es achterhen kiekn.